Geschiedenis
Geschiedenis van de KNSB
De Koninklijke Nederlandse Schaakbond is een van de oudste sportbonden van Nederland. De bond werd op 23 mei 1873 opgericht onder de naam Nederlandsche Schaakbond. Er werd in die jaren in Nederland her en der wel geschaakt, maar actief kan het schaakleven niet genoemd worden. Om de activiteiten meer leven in te blazen en ook om iets meer structuur aan te brengen, besloten enkele leden van de Haagse schaakvereniging Discendo Discimus tot het oprichten van een bond, die als opdracht kreeg om jaarlijks een nationale wedstrijd uit te schrijven. De beginnende bond telde bij zijn oprichting een kleine honderd leden, waaronder twee dames. De meesten waren afkomstig uit de betere kringen.
De Nederlandsche Schaakbond kende in de eerste 25 jaar een geleidelijke groei, maar spectaculair kan de ledenwinst niet genoemd worden. Aan het begin van de twintigste eeuw waren er ongeveer vijfhonderd leden. Belangrijk was wel dat de bond sinds 1893 over een eigen tijdschrift beschikte, wat een positieve invloed had op de onderlinge band. Doordat bijna alle Nederlandse topschakers vanaf het begin aan dit blad meewerkten, had het vanaf het ontstaan een goed niveau.
De bond hield zich aan de opdracht van de beginjaren tot het organiseren van een jaarlijkse wedstrijd. Vaak kwamen er maar enkele tientallen leden op zo'n wedstrijd af, maar toch, er was sprake van continuïteit. Bovendien waren onder de deelnemers vaak sterke spelers te vinden, zodat de winnaar van de bondswedstrijden, niet ten onrechte, officieus als Nederlands kampioen werd beschouwd. Pas in 1909 kreeg de Nederlandsche Schaakbond haar eerste officiële kampioen, in de persoon van A.G. Olland. Pas vanaf 1969 wordt er jaarlijks om de Nederlandse titel gespeeld. Ondertussen bleven de jaarlijkse bondswedstrijden tot op de dag van heden bestaan.
Twee gebeurtenissen hebben er in de 125-jarige geschiedenis van de bond voor gezorgd dat het ledenaantal een flinke sprong voorwaarts maakte.
- In 1935 veroverde Max Euwe in een tweekamp tegen Alexander Aljechin de wereldtitel schaken. Het leidde in Nederland tot een ware schaakeuforie en de nieuwe leden stroomden toe. Heel wat schaakclubs werden in deze periode opgericht. In datzelfde jaar kreeg de Nederlandschen Schaakbond, zoals de organisatie toen heette, ook toestemming om het predikaat Koninklijke aan zijn naam toe te voegen.
- Ook in het begin van de jaren zeventig zien we een forse toename van het aantal leden. Toen was het de tweekamp tussen de Amerikaan Bobby Fischer en de Rus Boris Spasski die voor grote publiciteit zorgde. De schaakclubs konden hun zegeningen tellen.
In de jaren zeventig begon de KNSB zich ook voor het eerst systematisch op de jeugd te richten. Door middel van het boek Jeugdschaak werden vele tienduizenden kinderen met het schaakspel in aanraking gebracht. Het betekende een wezenlijke verandering voor de KNSB. Was de schaakbond voorheen een organisatie die merendeels bestond uit mannen van middelbare of hogere leeftijd, nu veranderde het in een sportbond waarin de jeugd ongeveer een derde van het ledental uitmaakte. Dat ledental groeide in die jaren bovendien fors. Begin jaren zeventig schaakten er zo'n twintigduizend mensen in georganiseerd verband, halverwege de jaren tachtig waren dat er meer dan dertigduizend. Daarna volgde een geleidelijke terugval, een verschijnsel waarmee vrijwel alle sportbonden te maken hadden. Begin 2009 waren er ongeveer eenentwintigduizend mensen lid van de KNSB.
Organisatie
De opbouw van de KNSB-organisatie is uiteraard in de loop der jaren grondig veranderd. In de beginperiode kende de organisatie vrijwel alleen persoonlijke leden. Tegenwoordig is de georganiseerde schaker op getrapte wijze lid van de KNSB. Iedere schaker die lid is van een aangesloten vereniging is tevens lid van de regionale bond waaronder deze vereniging valt. De regionale bonden zijn op hun beurt weer aangesloten bij de KNSB.
De leden van de KNSB kunnen in drie groepen worden onderverdeeld:
- De leden van de dertien regionale bonden.
- De leden van de bijzondere bonden. Dat zijn bonden die zich met een bepaald aspect van het schaken bezig houden. Deze bonden zijn:
- Nederlandse Bond van Schaakprobleemvrienden
- Nederlandse Bond van Correspondentieschakers
- Computer Schaakvereniging Nederland
- Alexander Ruebvereniging voor Schaakeindspelstudie
- Nederlandse Schaakvereniging van Visueel Gehandicapten
- De persoonlijke leden van de KNSB.
- Leden via de speciale projecten van de KNSB: SpeelZ voor de jeugd op de basisscholen, masters voor 50-plussers en internetschaak.

