Contributieheffing
Regeling Contributieheffing
1. De contributienota's worden verzonden per de eerste dag van het kalenderkwartaal waarop de nota betrekking heeft.
2. Als grondslag voor de berekening van de kwartaalnota's van het eerste kwartaal gelden de ledentallen van de desbetreffende bonden zoals die ledentallen blijken uit de administratie van de KNSB op 1 oktober van het voorgaande jaar, overeenkomstig de door de bonden aan de KNSB gedane opgaven.
Als grondslag voor de berekening van de kwartaalnota's van het tweede en derde kwartaal gelden de ledentallen van de desbetreffende bonden zoals die ledentallen blijken uit de administratie van de KNSB op 1 april van het desbetreffende jaar, overeenkomstig de door de bonden aan de KNSB gedane opgaven.
Als grondslag voor de berekening van de kwartaalnota's van het vierde kwartaal gelden de ledentallen van de desbetreffende bonden zoals die ledentallen blijken uit de administratie van de KNSB op 1 oktober van het desbetreffende jaar, overeenkomstig de door de bonden aan de KNSB gedane opgaven.
3. De bonden dienen mede met het oog op de vaststelling van de verschuldigde contributie de in een kalendermaand plaats vindende mutaties in hun ledenbestand tijdig aan de KNSB opgeven, waarbij elke opgave zal worden gedaan overeenkomstig de daarvoor door of namens het bestuur gegeven administratieve voorschriften.
4. De contributienota's dienen voldaan te worden voor de 15e van de maand, volgend op die waarin de nota's verzonden zijn overeenkomstig het gestelde in artikel 1. Bij te late betaling wordt over het per saldo verschuldigde bedrag 1% rente per maand in rekening gebracht, waarbij een ingegane maand zal worden beschouwd als een gehele maand.
5. Leden die binnen een half jaar na afmelding weer op de ledenlijst van dezelfde schaakvereniging voorkomen, worden geacht onafgebroken lid van die schaakvereniging te zijn geweest. Voor die leden wordt de verschuldigde contributie achteraf bij afzonderlijke nota geheven. Deze nota's dienen binnen een maand na ontvangst te zijn voldaan.
6. Individuele leden betalen, in afwijking van hetgeen in de artikelen 1 en 4 is bepaald, hun jaarlijkse contributiebedrag in een termijn binnen zes weken na aanvang van het verenigingsjaar of, bij latere aanvang of verlenging van het lidmaatschap, binnen zes weken na de toelating als lid.
7. Een verenigingslidmaatschap loopt van 1 september t/m 28 (of 29) februari en van 1 maart t/m 31 augustus. In het geval van een nieuw lid loopt het lidmaatschap tot de eerst volgende 28 (of 29) februari of tot de eerstvolgende 31augustus. Het lidmaatschap wordt stilzwijgend met een half jaar verlengd. Indien een lid niet binnen een maand na aanvang van een nieuwe periode van een half jaar is afgemeld wordt hij of zij geacht lid te zijn voor een hele periode van een half jaar.

